1. Je wilt het Oliepeil controleren wat moet je doen?

 

Hint: Afkoelen van de motor. Oliepeil en bandenspanning controleren doe je altijd voor aanvang
van de rit, dus als de motor koud is.

Question 1 of 50

2. Waar dient het ventieldopje voor?

 

Hint: Het voorkomen van vuil, stof en roestvorming. Als je het ventieldopje eraf draait zit
daaronder nog een ventiel. Daar komt de lucht uit.

Question 2 of 50

3. Hoeveel procent van de ongevallen wordt veroorzaakt door vermoeidheid?

 

Hint: 15 procent. Rijd je langer dan 2 uur achter elkaar? Neem dan een pauze van 15 minuten.

Question 3 of 50

4. Wat is het gevolg van het roken van een jointje?

 

Hint: Waarnemingsvermogen wordt minder. Je reactietijd verandert niet, die blijft altijd 1
seconde.

Question 4 of 50

5. Het been van het slachtoffer ligt wat raar; Mag u het been recht neerleggen?

 

Hint: Nee. Nooit het slachtoffer helpen, behalve bij bloed of braaksel.

Question 5 of 50

6. Uw duo passagier heeft zich ernstig aan de uitlaat verbrand daarbij blijft de kleding kleven wat moet u doen?

 

Hint: Kleding laten zitten en koelen met water. Als je kleding verwijdert van het been, bestaat
de kans dat huid meekomt.

Question 6 of 50

7. Slaap en kalmeermiddelen kunnen de rijvaardigheid beinvloeden, geld dit ook voor andere geneesmiddelen?

 

Hint: Ja. Niet alleen slaap en kalmeringsmiddelen.

Question 7 of 50

8. Ben je strafbaar als je medicijnen met een gele sticker gebruikt en gaat rijden?

 

Hint: Ja. Je bent een gevaar voor jezelf en anderen. Daardoor ben je strafbaar.

Question 8 of 50

9. Welke soorten drugs kunnen de rijvaardigheid beinvloeden?

 

Hint: Soft- en harddrugs. Beiden natuurlijk.

Question 9 of 50

10. Waar mag u ter afwending van dreigend gevaar een geluid- of lichtsignaal geven?

 

Hint: Binnen en buiten de bebouwde kom. Je mag altijd en overal een geluid- of lichtsignaal
geven in geval van nood.

Question 10 of 50

11. Er nadert een ambulance met bijzondere signalen en je nadert een rotonde. Wat doe je?

 

Hint: Blijf de rotonde volgen tot het voorrangsvoertuig de rotonde heeft verlaten. Rondjes
blijven rijden om de rotonde totdat het voorrangsvoertuig de rotonde heeft verlaten.

Question 11 of 50

12. Voor wie is het verboden om de plaats van het ongeval te verlaten voor dat zijn ID vastgesteld is?

 

Hint: Iedereen die bij het ongeval betrokken is. Dus ook ooggetuigen, zoals wandelaars en
fietsers.

Question 12 of 50

13. De brug is zojuistgeopend of de slagbomen gaan omlaag. Mag je de motor laten draaien?

 

Hint: Nee. Wees altijd zo milieuvriendelijk mogelijk.

Question 13 of 50

14. Hoe kun je tijdens het rijden brandstof besparen?

 

Hint: Lage toeren. Hou de toeren altijd zo laag mogelijk. Hoe lager de toeren, hoe minder
benzine je verbruikt.

Question 14 of 50

15. Kan een verzekeringsmaatschappij de schade verhalen op een bestuurder die alcohol heeft gebruikt?

 

Hint: Ja. De verzekeringsmaatschappij verhaalt de schade bij de alcohol-drinker.

Question 15 of 50

16. Welk markering geeft aan dat u de bestuurders op de kruisende weg voorrang moet verlenen?

 

Hint: Markering A. Bij A zijn het haaientanden, B is een drempel.

Question 16 of 50

17. Moet je stoppen

 

Hint: Nee. Wit licht staat gelijk aan groen licht. Je mag hier doorrijden.

Question 17 of 50

18. Kan je hier ruiters verwachten?

 

Hint: Ja. Dit bord geeft aan dat het ruiterpad hier eindigt. Vanaf nu kun je overal op de weg
ruiters verwachten.

Question 18 of 50

19. Je rijdt in de regen. Wat is de invloed op de stopafstand?

 

Hint: Remweg neemt toe. Bij veilig weggedrag is de remweg korter, bij gevaarlijk rijgedrag
wordt de remweg juist groter.

Question 19 of 50

20. Je rijdt overdag met dimlicht. Mag dat?

 

Hint: Ja. Dimlicht mag altijd.

Question 20 of 50

21. Je rijdt in de tunnel met grootlicht. Mag dat?

 

Hint: Nee. Groot licht gebruik je alleen in de avond of in de nacht, als het donker is en als je er
niemand mee verblindt.

Question 21 of 50

22. Je rijdt in de tunnel met dimlicht. Moet dat?

 

Hint: Ja. Dimlicht is altijd toegestaan. Dus ook in de tunnel.

Question 22 of 50

23. Mag je nu grootlicht voeren?

 

Hint: Nee. Je verblindt de auto die voor je rijdt. Mag de auto voor je wel groot licht voeren? Ja,
aangezien de bestuurder niemand verblindt.

Question 23 of 50

24. Welk bord geeft een eenrichtingsweg aan?

 

Hint: Beide. Want in beide past de hoofdletter E? Allebei de borden geven eenrichtingswegen
aan.

Question 24 of 50

25. Welk bord geeft een eenrichtingsweg aan?

 

Hint: Bord A. Ze lijken inderdaad op elkaar, maar vergis je niet. A is een eenrichtingsweg en B
is een verplichte rijrichting.

Question 25 of 50

26. Je wilt linksaf. Mag dat?

 

Hint: Ja. Dit bord verplicht je niets. Je mag naar links en naar rechts, alleen niet keren.

Question 26 of 50

27. Bij welk verkeerslichten kan je tegenliggers verwachten?

 

Hint: Verkeerslicht B. Bij verkeerslicht B zie je de O van ooooveral tegenliggers.

Question 27 of 50

28. Bij welk bord moet je tegenliggers verwachten?

 

Hint: Alleen bij bord A. Bord B is voor een eenrichtingsweg. Daar zijn geen tegenliggers. Bord
A is voor een doodlopende weg. Iedereen die erin rijdt, moet er ook weer uit. Als je eruit rijdt
ben je een tegenligger.

Question 28 of 50

29. Geldt dit bord alleen bij hevige regen?

 

Hint: Nee. Waarschuwingsborden gelden altijd en niet alleen bij regen.

Question 29 of 50

30. Aan welke zijde van de rijbaan tref je de witte reflectoren?

 

Hint: Linkerzijde. De rrrode reflectoren vind je aan de rrrechterzijde. De witte vind je dus aan
de linkerzijde.

Question 30 of 50

31. Wat betekent dit bord?

 

Hint: Pas op voor overstekende kinderen. Ga hier altijd vanuit dat er kinderen spelen.

Question 31 of 50

32. Wie moet je voor laten gaan bij een voetgangers oversteekplaats ?

 

Hint: Voetgangers en voertuigen voor mensen met een beperking. Dus alle voetgangers en
scootmobielen.

Question 32 of 50

33. Welk bord geeft een geslotenverklaring aan voor voetgangers?

 

Hint: B. Bord A staat voor einde voetpad. Bord B zegt verboden voor voetgangers.

Question 33 of 50

34. Welk bord geeft een adviessnelheid aan?

 

Hint: A. Het vriendelijke vierkante blauwe bordje adviseert om 50 te rijden. Bord B is een
maximumsnelheid.

Question 34 of 50

35. Wat betekent dit bord?

 

Hint: Route gevaarlijke stoffen. Vervoer je geen gevaarlijke stoffen? Dan geldt dit bord niet
voor jou.

Question 35 of 50

36. Waar kun je dit bord verwachten?

 

Hint: Binnen en buiten de bebouwde kom. Dit bord geeft een bromfietspad aan. Deze kun je
overal verwachten, binnen- en buiten de stad.

Question 36 of 50

37. Geldt deze waarschuwing alleen als de weg nat is ?

 

Hint: Nee. Waarschuwingsborden gelden altijd.

Question 37 of 50

38. Voor wie is dit bord belangrijk?

 

Hint: Bestuurders van alle voertuigen. Dit bord waarschuwt voor hevige wind. Dat kan voor
iedereen gevaarlijk zijn.

Question 38 of 50

39. De verkeersregelaar geeft een stopteken aan het verkeer dat hem van:

 

Hint: Van voren en van achteren nadert. De armen lijken op slagbomen. Bestuurders van voor
en van achter kunnen er niet langs.

Question 39 of 50

40. Aan welke markering kun je zien dat je een vrachtauto zonder aanhangwagen inhaalt?

 

Question 40 of 50

41. Waarvoor geldt dit voorrangsbord?

 

Hint: Gehele weg. Dit bord geeft aan dat je voorrang hebt op de hele weg.

Question 41 of 50

42. Wat is je toegestane maximum snelheid op deze weg met een bromfiets?

 

Hint: 40 km per uur. Zoals je kan zien zijn we buiten de bebouwde kom op het (brom)fietspad.
40 is je maximale snelheid.

Question 42 of 50

43. Welk bord geeft een stilstaan verbod aan?

Hint: B. Bij de X mag je niks! Dus ook niet eventjes stilstaan. A geeft enkel een parkeerverbod
aan. Daar mag je dus wel eventjes stilstaan.

 

Question 43 of 50

44. Je parkeert hier. Mag dat?

 

Hint: Ja. Parkeren op de stoep mag altijd. De gele streep(stilstaanverbod) geldt alleen voor de
weg!

Question 44 of 50

45. U rijdt hier met een in werking zijnde motor. Mag dat?

 

Hint: Nee. Als er fietspad staat in letters, mogen er alléén fietsers rijden!

Question 45 of 50

46. Je stopt hier om een passagier te laten uitstappen. Mag dat?

 

Hint: Nee. Op een fietspad mag dat niet. Als het fiets-tekentje niet op de weg staat mag het
wel. Dan is het een suggestie-strook.

Question 46 of 50

47. Je stopt hier om iemand uit te laten stappen. Mag dat?

 

Hint: Ja. Zoals je kan zien is dit een suggestie-strook. Nu mag het wel.

Question 47 of 50

48. Je stopt hier om een passagier te laten uitstappen. Mag dat?

 

Hint: Nee. Je mag niet midden op de weg naast een busbaan stoppen om iemand uit te laten
stappen.

Question 48 of 50

49. Bij welk bord moet u aan de bestuurders op de kruisende weg voorrang verlenen?

 

Hint: Beide. Het verschil is dat je bij A mag doorrijden als er niemand van links of rechts komt.
Bij B moet je altijd stoppen.

Question 49 of 50

50. Je parkeert je bromfiets op de stoep. Mag dat?

 

Hint: Nee. Dit is het enige bord dat aangeeft dat jij je scooter niet op de stoep mag parkeren.
Als dit bord er niet staat mag je altijd op de stoep parkeren.

Question 50 of 50


 

Meer gratis oefenexamens scooter

👉   Oefenexamen scooter hoofdpagina

👉   Gratis online examen 1
👉   gratis online examen 1 (met tips!)

👉   Gratis online examen 2
👉   gratis online examen 2 (met tips!)

👉   Gratis online examen 3
👉   gratis online examen 3 (met tips!)